Tekenen in de tuin, zoektocht naar samenspel tussen mens en natuur

LinkedinFacebookGoogleTwitter

Binnen de omheining van onze, maar ook andermans tuin is het heerlijk om te tekenen of schilderen.

Het is boeiend om te zien hoe de mens zijn tuin vormgeeft en daarmee betekenis geeft.
In sommige tuinen laat de mens nadrukkelijk zijn sporen achter en in andere tuinen ‘wint’ de natuur, en dat levert veelal een fascinerend schouwspel op dat erom vraagt vastgelegd te worden.
Dus als het weer een beetje meespeelt, is het een rustgevende bezigheid om mijn indrukken vast te leggen op papier, doek of Ipad. Alhoewel dat laatste wel een beetje lastig is bij veel zonlicht..   

Hieronder vind je enkele tekeningen en een schilderij(tje) van mijn hand. En daarnaast heb ik een klein verslagje geschreven waarin ik verschillende wetenswaardigheden heb verwerkt. Zoals een stukje geschiedenis en enkele filosofische beschouwingen die ik bijzonder interessant vond en graag wilde delen.

Hierboven: Onze tuin. De draadjes die schitteren in het zonlicht, zijn er om hongerige reigers af te schrikken.
Het lijkt te werken!
Linksonder: een beeld dat wij ooit kochten in Geldrop. Eigenlijk hoort er nog een mannetje bij. Maar daar is onze tuin weer iets te klein voor 🙂 

 

“De tuin is een metafoor voor het ideale menselijke leven, waarin de tegenstellingen die ons bestaan beheersen, verzoend worden”.
Mara Miller, Amerikaanse filosofe en kunstenares.

Filosofische beschouwingen (BRON: www.detuinvanhetgeluk.be). 

In een tuin probeer je twee werelden te combineren tot één idyllisch geheel:
Volgens Paul Gordyn kan een tuin de mens doen beseffen dat hij afhankelijk is van de natuur, zonder er totaal aan overgeleverd te zijn.

Vermenging van natuur en cultuur:
In een tuin zorgt de mens er namelijk voor dat natuur en cultuur in belangrijke mate aanwezig blijven. Dat is niet vanzelfsprekend, want natuur en cultuur zijn niet van gelijke aard.
Zo heb je enerzijds de natuurlijke elementen als planten, bloemen, water, aarde, stenen, licht en schaduw, natuurgeluiden etc.
En anderzijds de menselijke ingrepen, zoals het bewerken van de natuurlijke elementen, de rangschikking ervan, het aanbrengen van kunstvoorwerpen (bv. beelden, of verlichting) of het begrenzen van de tuin.

‘Nergens ervaar ik de rust of de schoonheid of de vrijheid zo bevredigend als in een tuin.’ 

Op de site ‘de tuin van het geluk‘  zegt Gordyn dat een tuin de mens in contact kan brengen met zijn “ware” zelf, meer dan kunstwerken of de onbewerkte natuur kunnen doen.
Een tuin wijst de mens erop dat hij een evenwicht moet bewaren tussen zijn natuurlijke kant en zijn behoefte aan cultuur.

De tuinier of een tuinliefhebber weet bijvoorbeeld dat je hard moet werken voor een zomer vol bloemenpracht, maar diezelfde arbeid heeft geen enkele zin in de winter.
Deze tuinier is ook niet echt bescheiden: dankzij hem of haar kunnen er meer bloemen bloeien dan in de onbewerkte natuur.

Een tuin roept op om ook op andere vlakken in het leven dezelfde bescheidenheid aan de dag te leggen. Wie tuiniert of van tuinen houdt zal bijvoorbeeld vlugger aanvaarden dat hij moet sterven, maar ook inzien dat hij kan strijden tegen vroegtijdige dood. Een tuinliefhebber leert bescheiden te zijn. Hetgeen ook wordt ook aangetoond in de geschiedenis van de Griekse filosofie.

Filosoof van de tuin
Een filosoof die de bescheidenheid het meest heeft verdedigd is Epicurus (rond 300 v. Chr.). Volgens Epicurus kan de mens maar gelukkig worden door soberheid. De Griekse filosoof pleit tegen de hoogmoed van wie roem, rijkdom en macht wil, maar pleit ook tegen de nederigheid: “ook soberheid kent een maat, en wie daarmee geen rekening houdt vergaat het als degene die grenzen overschrijdt door zijn onmatigheid”. Epicurus paste zijn theorie toe door zich met vrienden terug te trekken op een domein met een grote tuin en werd daarom de “filosoof van de tuin” genoemd. Het leven in een tuin – weg van de wereld van rijkdom en machtsstrijd – is de toepassing van een bescheiden en daarom gelukkig makende levenswijze.

De tuin kan dus een belangrijke plaats zijn om diverse zingevingen te realiseren zoals rust vinden, schoonheid bewonderen, vrij zijn, van licht genieten, energie voelen, creatief zijn, het mysterie van het bestaan ervaren, zorgen voor kwetsbare dingen.
Maar volgens Gordyn zijn échte tuinervaringen inmiddels zeldzaam geworden. Waarover hieronder meer bij ‘Tuin dupe van het consumentisme?’

 

Een stukje geschiedenis (met dank aan www.geschiedenisvandetuinkunst.nl

In de Middeleeuwen waren tuinen vooral te vinden binnen de betrekkelijke veiligheid van de muren van kloosters en kastelen. Kloostertuinen zijn een klein paradijs op aarde en moesten Gods schepping verbeelden. Er worden vooral geneeskrachtige en keukenkruiden verbouwd. 

Begin Renaissance zijn verschillende Italiaanse burgerfamilies rijk geworden door de handel. En om in de zomer de snikhete stad te ontvluchten, lieten zij villa’s bouwen met prachtige tuinen die er ‘alleen maar’ waren voor de sier. 

Fonteinen zijn niet weg te denken uit deze typische Renaissance-tuinen. Ze zijn meestal rijk versierd en vaak worden taferelen uit de oudheid uitgebeeld. 

Rond 1750 krijgt men, onder invloed van landschapsschilders en dichters, meer waardering voor de schoonheid van de natuur.
Onder het motto: “terug naar de natuur” (Rousseau, 1712-1778), ontstaat een meer natuurlijke wijze van beplanten.

Na de Tweede Wereldoorlog wordt Nederland in snel tempo welvarend waardoor de praktische moestuin moest plaatsmaken voor een – in eerste instantie vrij simpele- siertuin.

Vanaf 1970 zie je dat sommige mensen zich echt op de tuin toeleggen óf alles onder het beton storten omdat er geen tijd is voor tuinieren.**

(** hier ga ik dus niet tekenen 🙂 , alhoewel dat een beetje hypocriet is, aangezien ik ook geen groene vingers -en zin- heb… ).

Het wordt echter belangrijker om buiten te kunnen eten (barbecueën 🙂 ) of koffie te drinken, zodat je bijna overal wel een tuinterras vindt. 
Maar omdat het Nederlandse klimaat niet echt bekend staat om haar zonnige humeur, kiezen veel mensen voor een veranda of andere vorm van bescherming tegen regen en wind.
Daarnaast is er meer aandacht voor de kinderen die lekker buiten moeten kunnen spelen. Het liefst in de eigen tuin.

En net als in de Renaissance, krijgt ook water weer een rol van betekenis zodat er steeds meer vijvers worden aangelegd in de Nederlandse tuinen, zoals die van ons.

Tuin dupe van het consumentisme?

Om Paul Gordyn ( ‘de tuin van het geluk‘) weer aan te halen,  wordt in onze moderne technisch-wetenschappelijke cultuur de natuur, zowel de onbewerkt als bewerkt, meer en meer wordt verdrongen door cultuurproducten zoals woningen, fabrieken, autostrades en pretparken. Steeds minder kinderen spelen in het groen.

Ten tweede wordt de bescheidenheid vervangen door de hoogmoed van de moderne wetenschappelijk-technische cultuur.
Wieden is vervangen door het spuiten van vergif, een fontein maakt geen gebruik van de zwaartekracht maar van elektriciteit, de haag heeft plaats moeten maken door een kunststof schutting 🙁 
En net zoals met kleding is de tuin ‘big business’  geworden. De reclame doet ons geloven dat shoppen in het tuincentrum net zo belangrijk is als de eigenlijke tuinbeleving. Als we meer geld spenderen aan een tuin, zullen we gelukkiger worden, is de gedachte hierachter. De vernietigende impact van een dergelijk levenswijze op het milieu wordt daarbij weggemoffeld.
aldus Gordyn.

Linksboven:
een tekening die ik in 2015 maakte in de tuin van mijn ouders te Ulestraten, nabij Maastricht.
Ze is gemaakt tijdens de Paasdagen, en vandaar dat deze tuin niet echt tot zijn recht komt, aangezien mijn moeder het terras pas in mei omtovert tot één grote bloemenzee (zie afbeelding rechtsboven).
Maar het mereltje maakt het wel weer een beetje goed. Die was lange tijd stamgast van dit vogelhuis-café.

Rechts: een tekening die ik onlangs maakte a.d.h.v. een (onduidelijke) foto. Maar ik heb mijn ouders inmiddels al zo vaak getekend dat dit geen problemen oplevert.
Alleen is mijn arme vader door zijn ziekte magerder geworden in zijn gezicht, en daar heb ik uiteraard moeite mee (emotioneel en qua techniek 🙁   )

 

TIP: Ben jij een echte tuinliefhebber?

Neem dan ook eens een kijkje op www.tuininhetbos.nl, (zie tekening hieronder)

Deze tuin van Hannie en Wim Guns is zeer geleidelijk tot stand gekomen.
Toen zij in 1987 in Maarheze gingen wonen, bestond hun perceel nog volledig uit ongecultiveerd dennenbos. Dat vond het echtpaar prima, want zo hadden zij geen tuinonderhoud. Het ontbrak hen aan affiniteit met tuinieren.

Maar al vrij snel werden aan de zuidwestkant van het huis vele grove dennen gerooid, omdat deze vanwege de slechte kwaliteit op het huis zouden kunnen vallen. Hierdoor ontstond hun allereerste grasveldje. Daarna volgden de terrassen aan de achterzijde. Want ja, ze wilden toch gezellig buiten kunnen zitten. Van het een kwam het ander en de hele familie werd bij de werkzaamheden betrokken. En telkens met het voornemen dat dit het laatste klusje zou zijn, want de rest moet blijven zoals het is.

Inmiddels is elke vierkante meter aan de beurt geweest en is tuinieren een ‘art of living’ geworden waarbij de verbinding met het bos prioriteit nummer 1 is. Voor een heerlijke bosbeleving kun je hier dus nog steeds terecht:

www.tuininhetbos.nl

 

Vakantietuinen:

Hieronder: een schilderijtje dat ik in 2010 maakte in ons tijdelijke tuintje te Kroatië.